Th. Van Rijswijckplaats 7 - 2000 Antwerpen

03 203 44 00

Kleinhoefstraat 6 - 2440 Geel

014 63 95 70

Lid worden

Alle info over de Coronacrisis

Artikel

Basisbeginselen overheidsopdrachten

17 december 2021

Evenredigheidsbeginsel

Artikel 4 van de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten behelst een aantal basisprincipes inzake overheidsopdrachten die elke aanbesteder in acht dient te nemen ten opzichte van de ondernemers. Ze zijn onder andere van toepassing op elke plaatsingsprocedure van een overheidsopdracht.

Het laatste beginsel dat van voormeld artikel dat wordt toegelicht, betreft het evenredigheidsbeginsel, ook wel het proportionaliteitsbeginsel genoemd.

Dit beginsel veronderstelt dat een aanbesteder steeds een beslissing neemt of middelen aanwendt, die in verhouding staan tot het te bereiken doel. Zij mag geen maatregelen nemen die onnodig verder gaan dan de beoogde doelstelling.

Dit principe impliceert dat de aanbesteder in alle fasen van de procedure met betrekking tot een overheidsopdracht (selectie, gunning, uitvoering) geen enkele formaliteit, voorwaarden of eis mogen stellen die omdat hij/zij niet in verhouding staat tot het voorwerp van de opdracht, zou leiden tot discriminatie van bepaalde ondernemers of de concurrentie die tussen hen moet heersen onnodig zou verminderen (S. Adriaenssen, N. Cariat en M. Thomas, “Principes généraux de la matière” in B. Lombaert, Droit des marchés publics, Passation, exécution, recours, La Charte 2020, p. 37, nr. 44 ; D. Batselé en A. Yerna, Les marchés publics pas à pas, méthode théorique et pratique, Anthemis 2018, p. 160, nr. 122).

De aanbesteder dient er voor te zorgen dat hij dit beginsel naleeft bij de keuze en het opstellen van zijn vereisten in de opdrachtdocumenten, inzake de selectie- en gunningscriteria en met betrekking tot de toepassing van sancties in geval van tekortkomingen.

In Nederland bestaat er zelfs een Gids Proportionaliteit, als bijlage bij de Aanbestedingswet, die richtlijnen bevat voor het uitschrijven van een aanbesteding. Die Gids geeft de (Nederlandse) visie weer waarop met het begrip ‘proportionaliteit’ moet worden omgegaan. De Gids is bindend omdat de voorschriften uit de Gids dienen te worden nageleefd door de aanbesteders. Indien een aanbesteder van een voorschrift uit de Gids wenst af te wijken, kan dit enkel indien hij uitdrukkelijk motiveert waarom en in hoeverre in die specifieke situatie een afwijkend standpunt gerechtvaardigd is. Afwijken van de voorschriften kan derhalve niet zonder goede grond.

In januari 2022 zal de derde herziene versie van de Gids in werking treden. Deze laatste herwerking focust op een aantal aandachtspunten, waaronder de “rechtsverwerkingsclausules”. Dergelijke clausules dwingen aannemers om tijdig vragen te stellen en zo nodig bezwaar te maken, op straffe van verval van rechten. In sommige gevallen werden de clausules zodanig streng verwoord, dat rechtsverwerking onredelijk en onrechtvaardig werd geacht.

In de herwerkte versie van de Gids wordt bepaald dat het disproportioneel is dat het niet stellen van vragen automatisch leidt tot verval van rechten. Eenieder is akkoord met het feit dat ondernemers proactief dienen te handelen en klachten zo snel als mogelijk kenbaar dienen te maken. Aanbesteders dienen evenwel zelf bij het formuleren van dergelijke rechtsverwerkingsclausules een evenwicht te vinden tussen hun belangen en die van de inschrijvers. Zo werd geoordeeld dat een vervaltermijn mag worden gehanteerd voor het maken van bezwaar, mits deze voldoende lang is.

De Belgische overheidsopdrachtenwetgeving indachtig, en zeker de abusievelijke toepassing ervan door bepaalde aanbesteders, zou men er goed aan doen om aan het proportionaliteitsbeginsel dezelfde waarde te hechten als bij onze noorderburen en werk maken van dergelijke Gids naar Belgisch recht.

Uit de basisprincipes van gelijke behandeling van de inschrijvers en de transparantieverplichting vloeit voort dat de manier waarop de appreciatiebevoegdheid door de aanbesteder wordt uitgevoerd redelijk voorzienbaar dient te zijn voor de inschrijvers. Deze voorzienbaarheid kadert namelijk in het transparantiebeginsel maar vormt tevens een voorafgaande voorwaarde tot de eerbiediging van de gelijkheid tussen de ondernemingen (Raad van State 21 september 2016, SPRL Leboutte, Mouhib et Co, V.2.B).   

Meer informatie?


Maarten De Voeght
Juridisch adviseur bouwrecht
03 203 44 03
maarten.devoeght@confederatiebouw.be

Dialog

Tekst

Ok Annuleer