Th. Van Rijswijckplaats 7 - 2000 Antwerpen

03 203 44 00

Kleinhoefstraat 6 - 2440 Geel

014 63 95 70

Lid worden

Alle info over de Coronacrisis

Coronacrisis

KLARE WIJN OVER QUARANTAINE EN COVID-19 TESTS OP HET VLAAMS GRONDGEBIED

11 februari 2021

(update 09/02/2021 – BVR 29/01/2021, BS 08/02/2021)

Noodzaak van een juridisch kader voor het coronabeleid

De federale overheid voert haar coronabeleid bij ministerieel besluit (hierna kortweg ‘MB’). Aangezien de Grondwet vereist dat de beperkingen op grondrechten bij wet gebeuren, zijn juristen het er over eens dat het federale coronabeleid in strijd is met de Grondwet (zie bijvoorbeeld: Pol. Charleroi 21 september 2020). De wettelijke bepalingen waarop het MB steunt, lenen zich niet tot dergelijke beperkingen van onze grondrechten. Bovendien kan deze bevoegdheid niet worden gedelegeerd aan één minister. Ten slotte dringt de vaststelling zich op dat niet elk aspect van het coronabeleid wordt geregeld door het MB. Vandaar de noodzaak van een coronawet op federaal niveau, die op het moment van het schrijven van deze bijdrage, vermoedelijk ‘in het voorjaar’ zal gepubliceerd worden.

Iedereen heeft kunnen vaststellen dat de uitwerking van bepaalde details wordt overgelaten aan websites van de verschillende overheidsdiensten, en meer bepaald de Frequently Asked Questions (of FAQ) afdeling. Die manier van beleid voeren, is op zijn zachtst gezegd niet ideaal. Een paar bedenkingen bij deze werkwijze:

  • er passeren maatregelen die onze grondrechten inperken maar die niet aan de controle van het parlement worden onderworpen;
  • de FAQ verandert meerdere keren per week en kan in een vingerknip kan gewijzigd worden;
  • eerdere versies van de FAQ worden verwijderd zodat het onmogelijk wordt om te weten op welk tijdstip bepaalde zaken verboden of mogelijk waren (denk bijvoorbeeld aan de hetze rond het verbod om binnenshuis aannemingswerken uit te voeren vanaf 18 maart tot 7 mei 2020);
  • er wordt regelmatig tegenspraak vastgesteld tussen FAQ’s van verschillende diensten en ja, zelfs in de FAQ van dezelfde overheidsdienst

Bijvoorbeeld: op donderdag 7 januari 2021 stond op de website www.info-coronavirus.be/nl/reizen te lezen dat je als buitenlander een negatieve coronatest moest afleggen in het thuisland om legaal het land binnen te kunnen. In het algemene gedeelte van de FAQ was er sprake van een test 72u voor aankomst in België. Het specifieke gedeelte van de FAQ spreekt van een test die ten vroegste 72 uren voor vertrek naar Belgisch grondgebied werd afgenomen.

Juridische basis in Vlaanderen: Vlaams Preventiedecreet

Dat er geen wettelijke basis was voor de verplichte quarantaine en COVID-19 tests, was ongetwijfeld één van de grootste pijnpunten van het recente coronabeleid. De Vlaamse overheid heeft dit pijnpunt weggewerkt door het bestaande Preventiedecreet van 21 november 2003 aan te passen aan de huidige pandemie.

Dit decreet is van toepassing op personen die zich op het grondgebied van het Vlaamse Gewest bevinden. Maar ook op personen die zich bevinden op het grondgebied van het tweetalig gebied Brussel-Hoofdstad wanneer ‘de tussenkomst’ wordt verstrekt door een voorziening die wegens haar organisatie beschouwd moet worden als uitsluitend ressorterend onder de bevoegdheid van de Vlaamse Gemeenschap en voor zover hij op deze voorziening vrijwillig beroep heeft gedaan. Daarnaast zal het decreet ook van toepassing zijn op personen voor wie de tussenkomst wordt verstrekt door een individuele zorgaanbieder die op vrijwillige basis is toegetreden tot een verband dat een band heeft met de Vlaamse Gemeenschap. Ook weer in zoverre de betrokken persoon vrijwillig een beroep heeft gedaan op de individuele zorgaanbieder.

Op 18 december 2020 keurde de Vlaamse Regering een ontwerp van wijzigingsdecreet van het Vlaams Preventiedecreet goed en liet het publiceren in het Belgisch Staatsblad van 28 december 2020. De Vlaamse Regering diende nadien nog bij besluit de inwerkingtreding te bepalen en enkele bepalingen verder uit te werken, wat ook gebeurde in de Minsterraad van 8 januari 2021.

Dit besluit werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 11 januari 2021 en stelt in de slotbepalingen vast dat de wijziging van het Vlaams Preventiedecreet in werking treedt daags na de publicatie in het Belgisch Staatsblad. Concreet betekent dit dat het decreet en het besluit op 12 januari 2021 in werking zijn getreden, met uitzondering van de artikelen die betrekking hebben op de meldingsplicht en het contactonderzoek. Deze laatsten worden geacht reeds op 1 juli 2020 in werking te zijn getreden.

In tegenstelling tot veel van de andere wettelijke normen die worden uitgevaardigd in de strijd tegen deze gezondheidscrisis voorzien noch het decreet, noch het besluit een einddatum voor wat betreft de verplichte quarantaine en COVID-19 tests. Voor het luik omtrent het contactonderzoek is de einddatum bepaald op uiterlijk 31 december 2021.

Quarantaine en COVID-19 tests

Het wijzigingsdecreet voegt onder andere het nieuwe artikel 47/1 in het Vlaams Preventiedecreet in. Dit nieuwe artikel vormt de basis voor het verwerken van persoonsgegevens door de gemeenten zodat de privacy alvast niet geschonden wordt. Daarnaast vormt het artikel de wettelijke basis voor het beleid in Vlaanderen omtrent de “onmiddellijke afzondering” (of quarantaine) enerzijds en de COVID-19 tests anderzijds. Mensen worden onderverdeeld in volgende categorieën om te bepalen of quarantaine en een COVID-19 test verplicht is:

  1. Bewezen of vermoede besmetting
  2. Terugkeer van een hoogrisicogebied
  3. Verhoogd risico op COVID-19

Deze categorieën worden hierna van dichterbij bekeken.


https://confederatie-bouw-provincie-antwerpen.webinargeek.com/watch/replay/806454/22b01d040a6090557a1aecaa46c51d2e/

1. Bewezen of vermoede besmetting

De persoon van wie bewezen is dat hij besmet is met COVID-19 of van wie de arts een ernstig vermoeden heeft dat hij besmet is met COVID-19 gaat onmiddellijk in tijdelijke afzondering.

De termijn van de tijdelijke afzondering bedraagt:

Als er symptomen van COVID-19 zijn: minimaal 10 dagen na aanvang van de symptomen en tot ten minste drie dagen zonder koorts en met verbetering van de respiratoire symptomen

Als er geen symptomen van COVID-19 zijn: 10 dagen vanaf de COVID-19 test.

2. Terugkeer van een hoogrisicogebied

Iedere persoon die in een hoogrisicogebied is geweest, gaat onmiddellijk bij zijn aankomst in Nederlands taalgebied in tijdelijke afzondering.

Deze persoon is verplicht om zich na zijn terugkeer onmiddellijk te melden bij een COVID-19 testcentrum, bij een triagecentrum of bij zijn behandelende arts met de mededeling dat hij uit een hoogrisicogebied is teruggekeerd, zodat hij een COVID-19 test kan ondergaan.

De termijn van de tijdelijke afzondering duurt 10 dagen vanaf de laatste dag dat de persoon in kwestie in een hoogrisicogebied is geweest, tenzij die persoon een negatieve COVID-19 test heeft ondergaan vanaf de zevende dag van de tijdelijke afzondering.

In deze categorie van personen kan een vrijstelling van de tijdelijke afzondering en/of van de verplichting om zich aan te bieden bij een testcentrum verleend worden. Een procedure voor een vrijstelling wordt niet uitgewerkt: een vrijstelling geldt automatisch als aan de voorwaarde is voldaan. Volgende personen komen in aanmerking voor een vrijstelling:

  • een persoon die maar voor een beperkte duur in een hoogrisicogebied is geweest

Onder een beperkte duur wordt minder dan 48 uur verstaan.

  • een persoon bij wie de kans op besmetting door zijn gedrag in een hoogrisicogebied laag wordt ingeschat

De inschatting van de kans op besmetting gebeurt via een zelfevaluatie die is opgenomen in het Passagier Lokalisatie Formulier (PLF) van de bevoegde federale dienst.

  • een persoon die om essentiële redenen in een hoogrisicogebied is geweest


De essentiële redenen zijn:

  1. grensbewoners of grensarbeiders;
  2. vervoerspersoneel dat belast is met goederenvervoer en ander vervoerspersoneel, als dat nodig is voor de uitoefening van hun functie;
  3. diplomaten;
  4. personeelsleden van een internationale organisatie of personen die door een internationale organisatie zijn uitgenodigd en van wie de fysieke aanwezigheid vereist is voor de goede werking van die organisatie;
  5. militair personeel;
  6. personeel van de openbare ordediensten;
  7. personeel van de Federale Politie;
  8. personeel van de Dienst Vreemdelingenzaken;
  9. douanepersoneel;
  10. humanitaire hulpverleners en civiel beschermingspersoneel bij de uitoefening van hun functie;
  11. passagiers op doorreis, ongeacht van waaruit ze reizen;
  12. zeevarenden bij de uitoefening van hun functie;
  13. hooggekwalificeerde personen, als hun werk vanuit economisch standpunt noodzakelijk is en niet kan worden uitgesteld. Daaronder worden ook beroepssporters verstaan die zich verplaatsen bij de uitoefening van hun professionele activiteit;
  14. leerlingen, studenten en stagiairs die zich dagelijks naar het buitenland verplaatsen.

I. Bewijs

Alleen de persoon die om essentiële redenen in een hoogrisicogebied is geweest, moet hiervan wel het bewijs voorleggen in het kader van de handhaving van de maatregel.


II. Grensarbeider

Bij het opleggen van de nieuwe quarantainemaatregelen omtrent verplaatsingen van en naar het buitenland (MB van 24.12.2020) werd geen specifieke uitzondering voorzien voor grensarbeiders. Nochtans werden grensarbeiders in het verleden steeds als één van de twee uitzonderingsgevallen beoordeeld wanneer het ging om quarantaine en testing.

In het nieuwe MB, gepubliceerd op 12 januari 2021, wordt deze uitzondering op nationaal vlak heringevoerd. Dit voorlopig enkel voor de grensarbeiders en niet voor de ‘grensbewoners’.

De Vlaamse Regering had reeds voordien voor duidelijkheid gezorgd. Uit het samenlezen van haar decreet van 28 december 2020 en haar besluit van 8 januari 2021 (gepubliceerd op 11 januari en op dit punt inwerking vanaf 12 januari) kunnen we besluiten dat:

– er een vrijstelling kan zijn op de quarantaineplicht en op het zich verplicht laten testen indien een persoon omwille van ‘essentiële redenen’ in een hoog risicogebied is geweest;
en dat
– ‘grensbewoners of grensarbeiders’ worden gezien als zijnde één van die ‘essentiële redenen’ en dus kunnen genieten van een vrijstelling.

Met een grensarbeiders wordt bedoeld de persoon die in een buurland woont, maar dagelijks of wekelijks de grens overgaat om arbeidsprestaties te leveren voor een Belgische werkgever


III. Passagier Lokalisatie Formulier

De uitzondering voor grensarbeiders is louter beperkt tot een vrijstelling van quarantaine en testing.

Dit wil zeggen dat het PLF nog steeds moet ingevuld worden door iedereen die met het vliegtuig of per boot naar België reist. Maar ook door iedereen die met een eigen vervoerder naar België reist, behalve:

– wanneer ze minder dan 48 uur in België blijven, of;
– wanneer ze naar België terugkeren na een verblijf in het buitenland van minder dan 48 uur.

Het Overlegcomité communiceerde in januari 2021 dat de periode van tijdelijke afzondering (of quarantaine) voor passagiers die terug komen uit “hoogrisicozones” Verenigd Koninkrijk, Zuid-Afrika en Zuid-Amerika zou worden verlengd van 7 naar 10 dagen. Hiervoor bestaat tot op heden geen wettelijke basis.

3. Verhoogd risico op COVID-19

Iedere persoon die een verhoogd risico heeft op COVID-19 gaat onmiddellijk in tijdelijke afzondering als hij op de hoogte is gebracht van het feit dat hij een verhoogd risico heeft op COVID-19.

Deze persoon wordt via het centrale contactcentrum, via een lokaal contactcentrum of via een arts op de hoogte gebracht van het feit dat ze een verhoogd risico op COVID-19 hebben.

Onmiddellijk nadat hij kennis heeft genomen van het feit dat hij een verhoogd risico heeft op COVID-19, dient die persoon zich te melden bij een COVID-19 testcentrum, bij een triagecentrum of bij zijn behandelende arts, zodat hij een COVID-19 test kan ondergaan.

De tijdelijke afzondering duurt 10 dagen vanaf het laatste contact dat heeft geleid tot een verhoogd risico op COVID-19, tenzij de persoon een negatieve COVID-19 test heeft ondergaan vanaf de zevende dag van die tijdelijke afzondering.

Een ‘hoogrisico contact’ wordt door Sciensano omschreven als volgt:

Voor de volgende personen wordt het risico op besmetting als “hoog” beschouwd. Deze worden verder in deze richtlijn “nauwe contacten” genoemd:

  • Een persoon met een cumulatief contact van minstens 15 minuten binnen een afstand van <1,5 m (“face to face”), bijvoorbeeld in een gesprek, zonder correct gebruik van een mondmasker (neus en mond volledig bedekkend) door één van beide personen. Dit omvat, onder andere, huisgenoten, kinderen van dezelfde groep in een residentiele collectiviteit, vrienden met wie men een maaltijd deelde en eventueel naaste buren op het werk.
  • Een persoon die direct fysiek contact heeft gehad met een COVID-19 patiënt.
  • Een persoon die in direct contact is geweest met excreties of lichaamsvloeistoffen van een COVID-19 patiënt, zoals tijdens het zoenen en mond-op-mond beademing, of contact met braaksel, stoelgang, slijmen, enz..
  • Een persoon die door de “Coronalert” applicatie werd geïdentificeerd als een nauw contact.
  • Een persoon die meer dan 15 minuten samen met een COVID-19 patiënt heeft gereisd zelfs als beide personen hierbij een stoffen of chirurgisch mondmasker droegen. Dit betreft eender welk transportmiddel, voor alle personen zittend binnen twee zitplaatsen (in eender welke richting) van de patiënt. In een vliegtuig ook bemanningsleden die dienst doen in de sectie van het vliegtuig waar het geval zat. Indien de ernst van de symptomen of de verplaatsing van de patiënt in het vliegtuig wijst op een mogelijk grotere blootstelling, kunnen passagiers die in hetzelfde compartiment zaten of alle passagiers in het vliegtuig worden beschouwd als hoog risico contacten (beoordeling door de dienst Infectieziektenbestrijding).

Sancties

Overtredingen van artikel 47/1 van het Vlaams Preventiedecreet worden gestraft met een geldboete van 26 tot 500 euro (vermeerderd met opdeciemen: 208 tot 4.000 euro) en met een gevangenisstraf van acht dagen tot zes maanden of met een van deze straffen alleen.

Info

Deze bijdrage is gebaseerd op de informatie die beschikbaar was toen het geschreven werd. Heb je nog vragen? Stel ze aan één van onze adviseurs:

  • Maarten De Voeght (maarten.devoeght@confederatiebouw.be)
  • Ellen Keteleer (ellen.keteleer@confederatiebouw.be)
  • Chantal Vekemans (chantal.vekemans@confederatiebouw.be)

Meer weten over dit onderwerp?


Maarten De Voeght
Juridisch adviseur bouwrecht
03 203 44 03
Maarten.devoeght@confederatiebouw.be

Dialog

Tekst

Ok Annuleer